Meta test robots voor onderhoud en bouw van datacenters

Meta test robots voor onderhoud en bouw van datacenters

TL;DR

  • Wat: Meta test robots van drie fabrikanten die kabels verwisselen, servers herstarten en apparatuur inspecteren in datacenters.
  • Waarom relevant: De krappe arbeidsmarkt en stijgende loonkosten raken ook Nederlandse bedrijven — wat Big Tech nu automatiseert, sijpelt door naar de rest van de keten.
  • Wat je ermee kunt: Breng in kaart welke repetitieve taken in je eigen bedrijf het eerst in aanmerking komen voor (gedeeltelijke) automatisering.

Ik viel deze week over een bericht van Ars Technica: Meta zet robots in om het fysieke werk in zijn datacenters over te nemen. Kabels verwisselen, servers herstarten, zware racks verplaatsen — taken die nu nog door technici worden gedaan. Ik vind dat het lezen waard is, niet omdat het spectaculair klinkt, maar omdat het iets zegt over hoe snel fysiek werk verschuift.

Wat doet Meta precies?

Meta test op dit moment robots van drie verschillende fabrikanten: Watney Robotics uit San Francisco, Kinova uit Quebec en ABB uit Zürich. Die robots worden ingezet voor taken als het verwisselen van netwerkkabels, het herstarten van servers en het inspecteren van apparatuur. Daarnaast rijden er zelfrijdende transportrobots rond die zware serverracks verplaatsen, en zijn er robots die inventaris scannen.

Tegelijkertijd zet Meta op een bouwterrein in Louisiana tien autonome machines in van Built Robotics — elk 72 ton zwaar — die dagelijks bijna duizend stalen palen de grond in slaan voor het Hyperion-datacenterproject. Dat project vertegenwoordigt volgens berichten een investering van meer dan 10 miljard dollar.

Wat mij hier opvalt: het gaat niet om één experiment in een laboratorium. Meta test op meerdere fronten tegelijk — zowel in operationeel onderhoud als in de bouw.

Hoe goed werken die robots nu?

Eerlijk gezegd: nog niet geweldig. De robots zijn traag, hebben last van obstakels, beperkte batterijduur en moeite met dichte kabelomgevingen. Ze hebben nog steeds menselijk toezicht nodig.

Maar hier wordt het interessant. Een anonieme medewerker schatte in dat een succesvolle kabelwisselrobot tot 80 procent van het werk in bepaalde functies zou kunnen overnemen. Dat is de inschatting van één werknemer, niet een officiële projectie van Meta — maar het zegt wel iets over de richting.

Bij de bouwrobots ligt het anders. Daar zegt Noah Ready-Campbell, CEO van Built Robotics, dat een conventionele ploeg drie tot vier keer zoveel werknemers nodig zou hebben om hetzelfde werk te doen als die tien machines. De robots werken ook door in moeilijk terrein — moerasachtige grond bijvoorbeeld — "omdat de robots het niet uitmaakt", aldus Ready-Campbell.

Wat zegt Meta over banen?

Dit is het punt waar het schuurt. Meta zelf zegt dat Amerika midden in de grootste infrastructuurboom sinds de Tweede Wereldoorlog zit en dat er een groot tekort aan geschoolde arbeidskrachten is. Een woordvoerder stelde: "We hebben meer werknemers nodig, niet minder."

Tegelijkertijd vrezen werknemers dat automatisering hun functies zal verminderen of verschuiven naar lager betaalde posities. Dat is een spanning die ik herken uit bredere discussies over automatisering: het officiële verhaal is "aanvulling", terwijl de praktijk vaak "vervanging" wordt — of in ieder geval een verschuiving in wat er van mensen wordt gevraagd.

Bij Built Robotics worden werknemers omgeschoold tot "robot foremen" — mensen die de machines beheren en monitoren in plaats van zelf het fysieke werk te doen. Dat is een concreet voorbeeld van hoe functies veranderen zonder volledig te verdwijnen.

Wat betekent dit voor Nederlandse ondernemers?

Je denkt misschien: Meta's datacenters, dat is een andere wereld dan mijn bedrijf. En dat klopt — qua schaal. Maar de onderliggende dynamiek is herkenbaar.

De Nederlandse arbeidsmarkt is krap. De SER Noord-Nederland publiceerde eerder dit jaar een advies over robotisering, automatisering en AI in het MKB. De boodschap: bedrijven die nu niet nadenken over automatisering van repetitieve taken, lopen achter de feiten aan. Volgens diverse analyses besparen bedrijven die strategisch automatiseren gemiddeld 22 uur per medewerker per maand.

Nu hoef je als MKB-ondernemer geen 72 ton zware robot aan te schaffen. Maar stel dat je een bedrijf hebt met een magazijn, een werkplaats of een logistieke operatie. Kun je je voorstellen dat de taken die nu het meeste tijd kosten — scannen, sorteren, verplaatsen, controleren — over twee jaar deels door machines worden gedaan? De kosten voor dit soort automatisering dalen snel. Wat in 2022 nog zes cijfers kostte, is nu soms beschikbaar voor een fractie daarvan.

De parallel met software-automatisering

Wat Meta in de fysieke wereld doet, gebeurt in de digitale wereld al langer. Denk aan automatische factuurverwerking, voorraadbeheer of klantenservice via AI-chatbots. Het verschil is dat fysieke automatisering — robots die echt dingen vastpakken en verplaatsen — nu ook betaalbaar en betrouwbaar genoeg begint te worden voor bredere toepassing.

Ik denk dat de les hier niet is: "je moet nu robots kopen." De les is: kijk naar welke taken in je bedrijf repetitief, fysiek en tijdrovend zijn. Dat zijn de taken die als eerste geautomatiseerd zullen worden — niet vandaag misschien, maar de trend is duidelijk.

Wat blijft er hangen

Meta's robots zijn traag, duur en niet klaar voor massale inzet. Dat is het eerlijke beeld. Maar het feit dat een bedrijf met de middelen en de urgentie van Meta hier serieus op inzet — met meerdere leveranciers, op meerdere locaties — vertelt mij dat fysieke automatisering een fase voorbij het experimenteren is.

Voor mij is dit vooral een signaal dat de grens tussen "digitale automatisering" en "fysieke automatisering" aan het vervagen is. En dat is iets waar ik als ondernemer liever nu over nadenk dan over twee jaar, als de markt al verschoven is.

80% van de AI-projecten haalt productie nooit.

Ik bouw de 20% — van prototype naar draaiend systeem, binnen weken.