Computers op menselijke neuronen draaien nu in Singapore

Computers op menselijke neuronen draaien nu in Singapore

TL;DR

  • Wat: In Singapore draaien twintig computers op levende menselijke hersencellen — een wereldprimeur in commercieel biocomputing.
  • Waarom relevant: Er bestaat nog geen regelgeving voor deze technologie, niet in Singapore en niet in de EU. Dat betekent juridische onzekerheid voor elke ondernemer die ermee in aanraking komt.
  • Wat je ermee kunt: Houd biocomputing op je radar als je werkt in data-intensieve sectoren, en wees alert op komende Europese wetgeving rond biologisch weefsel in technologie.

Ik stuitte op een bericht dat me even stil liet staan: in Singapore draait sinds deze maand een serverrek op zestien miljoen levende menselijke neuronen. Geen science fiction, geen laboratoriumexperiment — een operationeel datacenter. Wat me triggerde is niet alleen de technologie zelf, maar vooral het feit dat geen enkele toezichthouder ter wereld er duidelijke regels voor heeft.

Wat er precies draait in Singapore

De opstelling is een samenwerking tussen drie partijen: de medische faculteit van de National University of Singapore (NUS Medicine), datacenteroperator DayOne en het Australische biotechbedrijf Cortical Labs. Samen hebben ze twintig zogenaamde CL1-units geïnstalleerd in een standaard serverrek.

Elke CL1-unit bevat minstens 200.000 menselijke neuronen die op een siliciumchip met elektroden zijn gekweekt. Die neuronen zijn oorspronkelijk afkomstig van menselijk bloed, dat via stamceltechnologie wordt omgezet in zenuwcellen. De cellen communiceren via elektrische signalen met het computersysteem — vergelijkbaar met hoe neuronen in je eigen hoofd informatie doorgeven, maar dan op een chip.

Het hele rek verbruikt tussen de 800 en 1.000 watt. Ter vergelijking: één enkele Nvidia H100 GPU — de chip die momenteel veel wordt gebruikt voor AI-training — trekt in zijn eentje al zo'n 700 watt. Een compleet AI-serverrek kan boven de 100 kilowatt uitkomen. Het energieverschil is dus opvallend.

Maar er zitten kanttekeningen aan. De neuronen hebben elke drie dagen voeding nodig en er is een compleet levensondersteunend systeem vereist: pompen, gasmenging, temperatuurregeling en filtratie. Na maximaal zes maanden moeten de cellen worden vervangen. Het is, als ik het zo mag zeggen, meer een intensive care dan een serverruimte.

Wat kan het — en wat weten we nog niet

Cortical Labs-oprichter Hon Weng Chong noemt als doelsectoren: medicijnontwikkeling, humanoïde robotica, cybersecurity en fraudedetectie. Dat klinkt breed, maar wat mij opvalt is wat er niet is gedeeld. Er zijn geen prestatiebenchmarks gepubliceerd, geen werklastvergelijkingen met traditionele hardware en geen efficiëntiecijfers per watt. Dat maakt het lastig om de commerciële waarde op dit moment te beoordelen.

Ik vind dat een belangrijk punt. Als ondernemer wil je weten: is dit sneller, goedkoper of beter dan wat ik nu gebruik? Die vraag kan op dit moment niemand beantwoorden op basis van gepubliceerde data. Het is eerlijk om te zeggen dat dit een technologische demonstratie is, geen bewezen alternatief voor bestaande rekenkracht.

Wat wél interessant is: Cortical Labs meldde eerder dit jaar dat hun neuronen het computerspel Doom konden leren spelen. Dat is een veelgebruikte test om te laten zien dat een systeem kan leren van feedback. Het zegt iets over het leervermogen van de technologie, al is de stap van Doom naar zakelijke toepassingen nog groot.

Het regelgevingsgat: waar zit de toezichthouder?

Hier wordt het voor mij als ondernemer pas écht interessant. De tweet waar ik dit bericht mee tegenkwam — van @idontexistTore op X — wijst op een juridisch niemandsland. Menselijk weefsel valt onder medische en bio-ethische wetgeving. Datacenters vallen onder technologie- en energieregelgeving. Maar een datacenter van menselijk weefsel? Daar heeft nog geen enkele toezichthouder ter wereld verantwoordelijkheid voor geclaimd.

Volgens een recent onderzoekspaper op ResearchGate kunnen menselijke neurale weefsels op dit moment commercieel worden verkocht, op afstand worden benaderd, via elektrische stimulatie worden getraind en worden weggegooid — zonder toestemmingsprotocollen, bewustzijnsdetectie of gebruiksrestricties.

Dat is geen kritiek op de betrokken bedrijven. Het is een vaststelling: de regels bestaan simpelweg nog niet. DayOne en Cortical Labs hebben aangegeven dat ze samen met NUS Medicine willen werken aan passende governance- en biosafety-kaders. Maar voorlopig is dat een voornemen, geen kader.

Wat betekent dit voor een Nederlandse ondernemer?

Je zou kunnen denken: dit speelt in Singapore, wat heb ik ermee te maken? Ik denk dat er twee redenen zijn om dit wel te volgen.

Ten eerste: de EU heeft met de AI Act al laten zien dat technologieregulering vanuit Europa wereldwijd kan doorwerken. Stel dat biocomputing groeit en de EU besluit het te reguleren — dan kan dat gevolgen hebben voor elke dienst of elk product dat op die technologie draait, ook als de servers in Azië staan. Kun je je voorstellen dat je als MKB-ondernemer een softwareleverancier gebruikt die op biologische processors draait, en dat die onder nieuwe weefselwetgeving gaat vallen? Dat klinkt vergezocht, maar een paar jaar geleden gold dat ook voor cookiebanners.

Ten tweede: de ethische dimensie. De neuronen zijn afkomstig van gedoneerd bloed dat is omgezet in stamcellen. Er zijn op dit moment geen standaarden voor hoe donors worden geïnformeerd, of hun materiaal commercieel mag worden ingezet, en wie er eigenaar is van eventuele resultaten. Dit zijn vragen die ook spelen bij andere vormen van data- en weefselgebruik. Als ondernemer die met klantdata werkt, herken je misschien het patroon: de technologie loopt voor op de regels.

Een eerlijke nuance

Huidige organoïden — de kweeksels van neuronen — bezitten volgens onderzoekers niets dat op bewustzijn lijkt. Maar de grens is niet scherp gedefinieerd. Naarmate organoïden groter en complexer worden, worden de ethische vragen moeilijker te vermijden. Ik vind het eerlijk gezegd knap ongemakkelijk dat er commercieel mee wordt gewerkt voordat die grenzen zijn getrokken.

Waar dit naartoe gaat

Biocomputing is op dit moment een nicheontwikkeling met veel open vragen en weinig harde cijfers. De energiebesparing is indrukwekkend op papier, maar de operationele complexiteit — levende cellen onderhouden in een datacenter — is dat ook. Of dit ooit een volwassen alternatief wordt voor siliciumchips, kan ik niet zeggen. Niemand kan dat op dit moment.

Waar ik wél iets over durf te zeggen: het regelgevingsgat is reëel en gaat niet lang open blijven. Zodra de eerste juridische of ethische kwestie ontstaat, zullen overheden snel willen handelen — en dan is de kans groot dat de regels strenger uitvallen dan wanneer ze vooraf waren opgesteld.

Voor mij is dit vooral een signaal dat technologie en biologie steeds sneller naar elkaar toe groeien, en dat de spelregels daar structureel achter aanlopen. Als ondernemer hoef je hier morgen niets mee te doen. Maar het is wel verstandig om te weten dat het bestaat.

80% van de AI-projecten haalt productie nooit.

Ik bouw de 20% — van prototype naar draaiend systeem, binnen weken.