TL;DR
- Wat: De VS en China zijn door de AI-boom zo economisch verweven geraakt dat exportrestricties op AI-chips nu als onderhandelingstroef worden ingezet in bredere handelsgesprekken.
- Waarom relevant: Nederland — en specifiek ASML — zit middenin dit krachtenveld, met directe gevolgen voor de Europese toeleveringsketen en mogelijk voor jouw eigen supply chain.
- Wat je ermee kunt: Breng in kaart hoe afhankelijk jouw bedrijf is van hardware of componenten die via deze geopolitieke route lopen, en houd rekening met mogelijke prijsschommelingen.
Ik viel over een bericht van WIRED dat bondig samenvat wat al een tijdje sluimert: Washington en Beijing zijn door de AI-boom steeds sterker met elkaar verbonden geraakt, en exportrestricties op AI-hardware zijn uitgegroeid tot serieuze onderhandelingskaarten. Wat mij hier opvalt, is hoe snel dit onderwerp is verschoven van een technisch-militair dossier naar iets dat ook voor reguliere ondernemers consequenties heeft.
Van verbod naar onderhandelingstafel
Even de tijdlijn. Onder de vorige Amerikaanse regering gold een zogenaamde presumption of denial voor de export van krachtige AI-chips naar China — simpel gezegd: nee, tenzij er heel goede redenen waren. In januari 2026 is dat veranderd. Het Department of Commerce publiceerde een nieuwe regel die de verkoop van geavanceerde AI-chips aan China weer mogelijk maakt, waaronder de Nvidia H200 en de AMD MI325X. De beoordeling gaat nu case-by-case, met strenge voorwaarden rondom beveiliging en tracking.
Tegelijkertijd kondigde het Witte Huis een tarief van 25% aan op halfgeleiders met dezelfde prestatiedrempels. Dat klinkt als een tegenstrijdigheid — je staat export toe, maar plakt er een forse heffing op — maar het is precies het punt: chipexport is geen technisch beleidsstukje meer, het is een wisselgeldpost in bredere handelsgesprekken.
Congreslid Gregory Meeks verwoordde het scherp: exportcontroles zijn verworden tot een bargaining chip in de onderhandelingen met China. Dat is een bewuste woordspeling die de lading goed dekt.
China's eigen chipindustrie groeit ondertussen door
Wat ik bijzonder interessant vind, is het onbedoelde neveneffect. Volgens cijfers van onder meer Caixin Global exporteerde China in de eerste helft van 2026 ruim 179 miljard geïntegreerde circuits, goed voor zo'n 177 miljard dollar — een stijging van 96% ten opzichte van een jaar eerder. De Amerikaanse exportrestricties hebben niet alleen niet voorkomen dat China chips produceert, ze lijken de Chinese eigen chipindustrie juist te hebben aangejaagd.
Dat is een patroon dat je vaker ziet bij handelsrestricties: je dwingt een land om zelf te investeren in precies datgene wat je probeert af te schermen. De vraag is of dat op de langere termijn in het voordeel van de VS werkt. Ik denk — en dit is mijn inschatting, geen vaststaand feit — dat we hier naar een structurele verschuiving kijken waarbij China binnen vijf tot tien jaar minder afhankelijk is van westerse chiptechnologie dan nu.
Nederland zit er middenin
Voor Nederlandse ondernemers is dit geen ver-van-mijn-bedshow. ASML, gevestigd in Veldhoven, maakt de lithografiemachines waarmee de meest geavanceerde chips ter wereld worden geproduceerd. Het bedrijf zit recht in de vuurlinie van dit geopolitieke schaakspel.
In juni 2026 reisde handelsminister Sjoerd Sjoerdsma naar Washington om te lobbyen tegen verdere uitbreiding van de exportcontroles die ASML's verkopen aan China zouden beperken. De achtergrond: de zogenaamde MATCH Act, een Amerikaans wetsvoorstel dat bondgenoten zou dwingen restricties over te nemen. Volgens NL Times was de Nederlandse regering "geïrriteerd" over de Amerikaanse plannen.
De cijfers spreken boekdelen. Volgens analyses van Dutch IT Channel schat de Nederlandse halfgeleidersector het verlies aan onrealiseerbare Chinese marktpotentie op 3,74 miljard euro. Dat is een fors bedrag, ook al concludeert dezelfde analyse dat de sector dit op korte en middellange termijn kan compenseren door te diversifiëren.
Wat betekent dit concreet voor het MKB?
Stel dat je als ondernemer hardware inkoopt — servers, GPU's, netwerkcomponenten — die direct of indirect uit deze toeleveringsketen komen. Prijzen van AI-hardware zijn de afgelopen twee jaar al flink gestegen, en geopolitieke onzekerheid maakt ze nog volatieler. Kun je je voorstellen wat het betekent als er plotseling een nieuw tarief of een exportverbod bijkomt, en jouw leverancier drie maanden langere levertijden heeft?
Ook als je geen hardware inkoopt, maar AI-diensten afneemt via cloudproviders: die providers draaien op precies deze chips. Prijswijzigingen stromen uiteindelijk door naar jouw maandelijkse factuur.
De Chip Security Act: tracking in hardware
Een ontwikkeling die relatief weinig aandacht heeft gekregen maar potentieel vergaand is: het Amerikaanse Congres heeft op 26 maart 2026 de Chip Security Act goedgekeurd. Deze wet zou trackingtechnologie direct in chips inbouwen. Het idee is dat je kunt volgen waar een chip terechtkomt, zodat omzeiling van exportcontroles — via tussenlanden of stromannen — moeilijker wordt.
Dit klinkt als een technisch detail, maar denk even na over de implicatie. Als tracking in hardware standaard wordt, verandert dat de hele mondiale supply chain voor halfgeleiders. Het heeft gevolgen voor privacy, voor certificering, en voor de manier waarop bedrijven wereldwijd hardware inkopen en doorverkopen.
Of deze wet in de praktijk werkt zoals bedoeld, is een andere vraag. Onderzoek van het Bloomsbury Intelligence and Security Institute wijst erop dat chipsmokkel een reëel probleem blijft en dat exportcontroles inherente beperkingen hebben. Chinese bedrijven hadden volgens berichten al orders geplaatst voor meer dan 2 miljoen H200-chips, terwijl de volumecap naar schatting rond de 1 miljoen stuks ligt. Dat verschil van ruwweg een miljoen chips moet ergens worden opgelost — of niet.
Een schaakspel zonder duidelijke winnaar
Wat mij in dit hele verhaal opvalt, is dat geen van de betrokken partijen een helder eindspel lijkt te hebben. De VS wil China's AI-capaciteit beperken, maar laat tegelijk chipverkopen toe om de eigen industrie (lees: Nvidia, AMD) niet te veel te schaden. China investeert massaal in eigen productie, maar heeft op korte termijn nog steeds westerse technologie nodig. En Nederland — met ASML als kroonjuweel — probeert tussen beide grootmachten door te laveren zonder al te veel schade op te lopen.
Wat was een technologisch beleidsdossier is, is nu onderdeel geworden van een groter geopolitiek spel waarin handelsafspraken, tarieven en technologische afhankelijkheden door elkaar lopen. Voor mij is dit vooral een signaal dat ondernemers — ook in het MKB — er goed aan doen om geopolitieke ontwikkelingen niet als achtergrondruis te beschouwen, maar als iets dat direct invloed kan hebben op kosten, levertijden en beschikbaarheid van de technologie waar ze op bouwen.
80% van de AI-projecten haalt productie nooit.
Ik bouw de 20% — van prototype naar draaiend systeem, binnen weken.