TL;DR
- Wat: Carnegie Mellon University zette slankvormige robots in bij de aardbeving in Venezuela om ingestorte gebouwen van binnenuit te doorzoeken.
- Waarom relevant: Dezelfde robottechnologie wordt al commercieel ingezet voor inspectie van pijpleidingen, riolen en fabrieken — sectoren waar ook Nederlandse bedrijven in werken.
- Wat je ermee kunt: Volg de ontwikkeling van slangrobots als je actief bent in infrastructuur, vastgoed of installatie — de markt groeit met bijna 17% per jaar.
Afgelopen week las ik dat er robotslangen door het puin van ingestorte gebouwen in Venezuela kropen, op zoek naar overlevenden. Dat klinkt als sciencefiction, maar het is het niet. Ik vind het de moeite waard om uit te zoeken wat hier precies gebeurde — en wat het zegt over technologie die ook buiten rampen bruikbaar is.
Wat er gebeurde in Venezuela
Op 24 juni 2026 werd Venezuela getroffen door twee zware aardbevingen, met magnitudes van 7.5 en 7.2. Vooral de staat La Guaira werd zwaar geraakt — volgens berichten stortte daar zo'n 80% van de gebouwen in. De cijfers zijn schrijnend: meer dan 5.000 doden, bijna 17.000 gewonden en tienduizenden mensen dakloos.
Tussen 30 juni en 3 juli stuurde de Biorobotics Lab van Carnegie Mellon University — een Amerikaanse universiteit in Pittsburgh — een team met drie slangrobots naar La Guaira. Het team werkte samen met het Venezolaanse en Colombiaanse Rode Kruis en de Mexicaanse reddingsgroep Topos.
Wat mij opvalt: het team werd binnen 24 uur gemobiliseerd. De aanleiding was bijzonder. Een Venezolaanse vrouw in Atlanta, Beatriz Gonzalez, vroeg de AI-chatbot Grok hoe ze kon helpen bij de reddingsoperaties. Grok verwees haar naar een artikel over de inzet van dezelfde slangrobots bij de aardbeving in Mexico-Stad in 2017. Ze nam contact op met het lab en de rest volgde snel.
Hoe werkt zo'n slangrobot?
De robots zijn ongeveer 1,2 meter lang en bestaan uit modulaire segmenten — je kunt onderdelen loskoppelen of vervangen. Aan de voorkant zit een camera. Een operator bestuurt het geheel met een gamecontroller en een laptop, via een kabel.
Labdirecteur Howie Choset omschreef het als "minimaal invasieve chirurgie op een gebouw." En dat is eigenlijk een treffende vergelijking. Net zoals een chirurg met een dunne camera in een lichaam kijkt zonder het open te snijden, zo kruipt deze robot door smalle openingen in puin zonder dat je hoeft te graven of te slopen.
De robots kunnen plekken bereiken waar mensen, honden en standaard apparatuur niet bij kunnen. Denk aan smalle holtes tussen betonplaten, of gangen die te instabiel zijn om een persoon doorheen te sturen.
Hebben de robots levens gered?
Hier moet ik eerlijk zijn: nee, niet direct. De drie slangrobots hebben tijdens hun inzet in Venezuela geen overlevenden gevonden. Dat klinkt misschien als een mislukking, maar ik denk dat het genuanceerder ligt.
De waarde zit hem in wat ze wél deden: bevestigen dat bepaalde ruimtes leeg waren. Als een reddingsteam weet dat er in een specifieke holte niemand zit, kan het zijn energie richten op plekken waar wél kans is op overlevenden. In een ramp waar duizenden mensen vermist zijn en de tijd letterlijk levens kost, is die informatie waardevol.
Teamlid Kimberly Elenberg — een gepensioneerde legerofficier — zei iets dat bleef hangen: "We moeten stoppen met robots ontwerpen voor demonstraties en ze gaan ontwerpen rond de realiteit van de mensen die ervan afhankelijk zijn." Dat is een observatie die ik herken uit veel meer technologiedomeinen. Iets kan technisch indrukwekkend zijn, maar de vraag is altijd: werkt het wanneer het ertoe doet?
Eerder ingezet, nog niet bewezen als redder
Het is ook goed om te weten dat Carnegie Mellon dezelfde technologie al in 2017 testte bij de aardbeving in Mexico-Stad. Ook toen werden geen overlevenden gevonden door de robot. De technologie is dus nog niet bewezen als directe levensredder — maar de toepassingen worden bij elke inzet verfijnd.
Wat betekent dit buiten rampen?
Dit is het punt waar het voor mij als ondernemer interessant wordt. De technologie achter deze slangrobots is namelijk niet beperkt tot reddingswerk. Dezelfde principes — een flexibel, modulair robotlichaam dat door nauwe ruimtes navigeert met een camera — worden al commercieel ingezet.
Denk aan:
- Inspectie van pijpleidingen in de olie- en gassector, zonder dat je de leiding hoeft te demonteren
- Riool- en HVAC-inspectie voor vastgoedbedrijven en installateurs
- Nucleaire inspecties waar je mensen liever niet naartoe stuurt
- Fabrieksinspectie in moeilijk bereikbare delen van productieomgevingen
Volgens marktonderzoek was de wereldwijde markt voor slangrobots in 2025 zo'n 480 miljoen dollar waard. De verwachting is dat dit groeit naar bijna 2 miljard dollar in 2034, met een jaarlijkse groei van zo'n 17%. Dat is forse groei.
Kun je je voorstellen wat dit betekent als je een installatiebedrijf runt, of actief bent in de infrasector? Een robot die door een buis van 15 centimeter diameter kan kruipen en tegelijk beelden terugstuurt, bespaart niet alleen tijd maar voorkomt ook dat je complete installaties moet demonteren voor een inspectie.
Recente patenten
Er worden ook steeds meer patenten aangevraagd. In 2025 werd bijvoorbeeld een patent ingediend voor een slangrobot met een elektronische neus — voor het detecteren van gassen — en thermische camera's die automatisch warmtesignaturen herkennen. Met machine learning erbij kan zo'n systeem zelfstandig bepalen of er een mens aanwezig is.
De rol van AI bij de mobilisatie
Eén detail dat ik niet wil overslaan: de hele inzet in Venezuela kwam op gang doordat iemand een vraag stelde aan een AI-chatbot. Beatriz Gonzalez vroeg Grok hoe ze kon helpen, en de chatbot verwees haar naar een relevant artikel uit 2017. Daardoor kwam het contact met Carnegie Mellon tot stand.
Ik vind dat een treffend voorbeeld van hoe AI niet altijd het spectaculaire hoeft te doen. Soms is de grootste waarde simpelweg: de juiste informatie op het juiste moment bij de juiste persoon brengen. Geen robot die zelf reddingswerk doet, maar een chatbot die een mens verbindt met de juiste expertise.
Afsluiting
De slangrobots in Venezuela hebben geen levens gered — niet direct, in elk geval. Maar ze hebben laten zien dat de technologie steeds dichter bij praktisch bruikbaar komt. En de toepassingen buiten rampgebieden zijn wat mij betreft minstens zo interessant voor ondernemers.
Voor mij is dit vooral een signaal dat robotica niet alleen iets is van grote fabrieken en techreuzen. De markt groeit, de toepassingen worden concreter, en de kosten dalen. Als je een bedrijf runt dat te maken heeft met inspectie, onderhoud of moeilijk bereikbare infrastructuur, is dit een technologie om in de gaten te houden — niet morgen, maar nu al.
80% van de AI-projecten haalt productie nooit.
Ik bouw de 20% — van prototype naar draaiend systeem, binnen weken.