TL;DR
- Wat: Een hoge functionaris in de Trump-administratie omschrijft het Amerikaanse AI-beleid als "een discussie met tien kanten" — niet twee.
- Waarom relevant: De VS bepalen welke AI-tools beschikbaar en betaalbaar blijven voor Europese en Nederlandse ondernemers.
- Wat je ermee kunt: Houd rekening met meerdere scenario's bij je AI-keuzes — het is niet simpelweg "meer regelgeving" of "minder regelgeving".
Ik viel over een tweet van WIRED met een citaat dat bleef hangen: "It's not an argument with two sides, it's an argument with 10 sides." Dat zei een hoge ambtenaar uit de Trump-administratie over hoe het Amerikaanse AI-beleid tot stand komt. Het artikel, getiteld "This Is Donald Trump's AI Brain Trust", beschrijft de wirwar aan belangen, facties en adviseurs die bepalen welke kant het opgaat met AI in de VS. En dat raakt ons in Nederland directer dan je misschien zou denken.
Wie zitten er aan tafel?
Het Amerikaanse AI-beleid wordt niet door één persoon of één afdeling bepaald. Er is David Sacks, benoemd als AI- en crypto-czar. Er is Sriram Krishnan, voormalig partner bij Andreessen Horowitz, die als senior beleidsadviseur voor AI werkt vanuit het White House Office of Science and Technology Policy. En er is een adviesraad met namen als Mark Zuckerberg (Meta), Jensen Huang (Nvidia) en Larry Ellison (Oracle).
Wat mij opvalt: Elon Musk en Sam Altman — twee van de meest zichtbare figuren in de AI-wereld — zitten niet in die adviesraad. Dat zegt iets over de interne verhoudingen. Het is geen gesloten front van techbedrijven die samen één lijn trekken. Het is, zoals die ambtenaar zei, een discussie met minstens tien kanten.
Waarom tien kanten en niet twee?
Ik vind het eerlijk gezegd een verfrissend eerlijk citaat. Want als je naar de concrete onderwerpen kijkt, snap je waarom "voor of tegen AI-regulering" veel te simpel is. Hier een greep uit de spanningsvelden die spelen:
Open source versus gesloten modellen
Moet je AI-modellen vrij beschikbaar maken, of juist afschermen? Open-weight modellen — denk aan modellen waarvan de technische kern vrij te downloaden is — zijn inmiddels wijdverspreid. Tegenstanders zeggen dat ze veiligheidsrisico's opleveren. Voorstanders wijzen erop dat het afsluiten ervan vooral Amerikaanse techbedrijven een monopolie geeft.
Exportcontroles
De VS hebben geprobeerd China de toegang tot geavanceerde AI-chips en -modellen te ontzeggen. Het resultaat? Volgens onderzoek steeg het aandeel Chinese open-weight modellen op OpenRouter — een groot model-routeringsplatform — van minder dan 2 procent eind 2024 naar zo'n 61 procent in 2026. Ik vind dit een van de meest opvallende cijfers in dit hele verhaal. De poging om een voorsprong te beschermen, lijkt precies het tegenovergestelde effect te hebben gehad.
Veiligheid versus innovatiesnelheid
Anthropics CEO Dario Amodei pleitte in juni 2026 voor bindende veiligheidstesten vóór release, vergelijkbaar met hoe medicijnen worden goedgekeurd. De administratie heeft daar deels gehoor aan gegeven: een vrijwillige 30-dagenperiode waarin AI-labs hun nieuwste modellen met overheidsinstanties kunnen delen vóór publieke release. Maar "vrijwillig" is iets anders dan "verplicht", en daarin zit weer een spanningsveld.
Geld en politiek
Ook binnen het kabinet is onenigheid. Minister van Financiën Scott Bessent wil aandelenbelangen in AI-bedrijven gebruiken om spaarrekeningen voor burgers te vullen. Handelsminister Howard Lutnick wil diezelfde belangen liever in een soort staatsinvesteringsfonds stoppen. Dat zijn niet twee kanten van dezelfde medaille — dat zijn twee totaal verschillende visies op de rol van de overheid in AI.
Wat betekent dit voor een Nederlandse ondernemer?
Je zou kunnen denken: dit is Amerikaans beleid, dat speelt daar. Maar de realiteit is dat de meeste AI-tools die Nederlandse MKB-bedrijven gebruiken — van ChatGPT tot cloud-diensten van Microsoft en Google — Amerikaans zijn. Uit recent onderzoek blijkt dat 46 procent van het Nederlandse MKB een gedeeltelijke tot grote afhankelijkheid ervaart van Amerikaanse technologiebedrijven.
Stel dat de VS besluiten om bepaalde AI-modellen alleen nog onder strenge exportvoorwaarden beschikbaar te stellen. Of stel dat er een handelsconflict escaleert en Europese bedrijven ineens geen toegang meer hebben tot bepaalde diensten. Dat is geen sciencefiction — het zijn scenario's die direct voortvloeien uit de beleidsdiscussies die nu in Washington worden gevoerd.
Ondertussen heeft Europa zijn eigen pad: de EU AI Act, waarvan een belangrijk deel ingaat op 2 augustus 2026. Opvallend detail: slechts 9 procent van het Nederlandse MKB heeft formeel beleid voor het gebruik van AI, terwijl 78 procent er al mee werkt. Die kloof is op zich al een risico, los van wat er in Washington gebeurt.
Het grotere plaatje
Wat ik interessant vind aan dat citaat van "tien kanten", is dat het haaks staat op hoe wij in Nederland vaak over AI-beleid praten. In de publieke discussie is het meestal: óf je bent voor regulering, óf je bent voor innovatie. Maar de werkelijkheid is dat er binnen elk kamp — big tech, overheid, veiligheidonderzoekers, defensie, open-source-gemeenschap — intern net zoveel onenigheid is als tussen de kampen.
Kun je je voorstellen wat dat betekent als je als ondernemer probeert te anticiperen op beleid? Je kunt niet één trend volgen en daar je strategie op bouwen. De wereld van AI-beleid is geen schaakspel met twee spelers — het lijkt meer op een druk kruispunt zonder verkeerslichten.
Voor mij is dit vooral een signaal om nuchter te blijven. De uitkomst van het Amerikaanse AI-beleid is niet voorspelbaar, ook niet voor de mensen die er middenin zitten. Wat je als ondernemer wél kunt doen: niet te veel wedden op één platform, één leverancier of één scenario. En het helpt om af en toe even te kijken wat er in Washington beweegt — niet omdat je er direct invloed op hebt, maar omdat het de tools bepaalt waar jij morgen mee werkt.
80% van de AI-projecten haalt productie nooit.
Ik bouw de 20% — van prototype naar draaiend systeem, binnen weken.